Activiteit 11 februari 2020 Taakgroep Vorming en Toerusting Activiteit 11 februari 2020 Taakgroep Vorming en Toerusting

In de recente theologie is een verschuiving waar te nemen van de vraag of God bestaat, naar de vraag wat God betekent. Interessant genoeg is die verschuiving in zekere zin begonnen met a-theïstische filosofen, die het christelijke geloof echter wel degelijk serieus nemen. In dit denken is hernieuwde aandacht voor de drie-eenheid: Vader, Zoon en Heilige Geest. Hoewel dit een erg abstract leerstuk kan lijken, gaat het juist om de concrete betekenis van het geloof. Om de relevantie in ons eigen leven. Daarin is specifiek ruimte voor de werking van de Heilige Geest. Maar hoe werkt dat dan, en wat merk je er van? Toen ooit met Pinksteren de Geest werd uitgestort, hadden de leerlingen van Jezus tongen van vuur op het hoofd en spraken ze een merkwaardige taal. Maar ook toen was de boodschap niet zomaar voor iedereen duidelijk: sommigen meenden dat de leerlingen ‘te veel zoete wijn op hadden.’ De Geest is ongrijpbaar, en soms ook wat verdacht. Want hoe weet je wanneer de Geest spreekt, of dat iemand zich onterecht tooit met het gezag van God? In zijn brief aan de Korintiërs signaleert ook Paulus deze vraag, en heeft er een oplossing voor: uiteindelijk zal de liefde het laatste woord moeten hebben. Een belangrijk inzicht; ook volgens een oud christelijke tekst is God aanwezig, daar waar de liefde wordt waargemaakt (Ubi caritas et amor, deus ibi est).
 
terug